Wat is Celzouttherapie?

De Duitse arts Schussler identificeerde 12 biochemische zouten, die onze lichaamscellen gebruiken, om goed te functioneren. De celzouttherapie is er dan ook op gericht om deze tekorten aan deze celzouten aan te vullen. Celzouten zijn biochemische zouten, een zout is een verbinding tussen 2 of meer mineralen. Zouten en mineralen zijn bestanddelen van onze voeding en komen voor in fruit, groenten en granen.

Aan de hand van een inventarisatie van de klachten en van uiterlijke kenmerken en karaktereigenschappen kan een tekort aan een celzouten worden geconstateerd.

Om de zouten op celniveau op te kunnen laten nemen worden de meeste celzouten verwreven tot een D6 potentie, celzouten 1,3, 11 en 12 worden tot een D12 potentie verwreven. Hierin lijkt er dus een overeenkomst te zijn met de homeopathie, maar dit is eigenlijk de enige overeenkomst. Homeopathisch middelen worden verdund en gepotentieerd en ingezet volgens de Similia wet en geven een prikkel aan het zelfgenezend vermogen. Celzouten vullen zoals al eerder gezegd het tekort aan minerale zouten in de intracellulaire ruimtes aan.

De nummers verwijzen naar de volgorde waarin de celzouten ontdekt zijn.

De twaalf door dr Schussler ontdekte celzouten zijn:

1. Calcium fluoratum

2. Magnesium phosphoricum

3. Calcium phosphoricum

4. Natrium chloratum

5. Ferrum phosphoricum

6. Natrium phosphoricum

7. Kalium chloratum

8. Natrium sulfuricum

9. Kalium phosphoricum

10. Silicea

11. Kalium sulfuricum

12. Calcium sulfuricum

Na de dood van dr Schüssler zijn er nog 12 zouten aan toegevoegd, namelijk:

13. Kalium arsenicosum

14. Cuprum arsenicosum

15. Kalium bromatum

16. Kalium aluminium sulfuricum

17. Kalium jodatum

18. Zincum muriaticum

19. Lithium chloratum

20. Calcium carbonicum

21. Manganum sulfuricum

22. Natrium bicarbonicum

23. Calcium sulfuratum

24. Arsenum jodatum